Ne Mobliez Mie – reflecties bij een theaterstuk

Ik ben een theaterliefhebber en laat me heel regelmatig onderdompelen in een andere wereld. Ik hou van het podium, de live performance, de mooie zaal en zachte zetels. Ik geniet van de sfeer, van  deel uitmaken van het publiek, het applaus, het napraten en analyseren van het stuk. De dagen erna heb ik er nog deugd van. Voor mij is een theaterstuk geslaagd als het me geraakt heeft. En ‘Ne Mobliez Mie’ zinderde na.

‘Ne Mobliez Mie’ is het nieuwe, beklijvende theaterstuk van FC Bergman. Zij zijn een Antwerps theatergezelschap, dat al verschillende Europese prijzen won. Het collectief zorgt steeds voor vernieuwing en verrassingen en stelt me nooit teleur.

De laatste bewoonster van het kasteel

Naar aanleiding van de restauratie van het kasteel van Gaasbeek werd FC Bergman gevraagd om het kasteel van een tentoonstelling te voorzien. ‘Ne Mobliez Mie’ is het vervolg van deze audiovisuele expo. De tentoonstelling en de theatervoorstelling zijn beiden geïnspireerd door markiezin Arconati Visconti. Ze was de laatste bewoonster van het kasteel en overleed 100 jaar geleden.

Mevrouw Arconati Visconti erfde het kasteel van haar man, de markies, na een kort huwelijk. De markiezin liet het kasteel verbouwen tot een burcht. Ze transformeerde het tot een sprookjeskasteel, waarin zij eenzaam leefde in een wereld tussen realiteit en fantasie. De markiezin liet zich veelvuldig portretteren, waarbij verbeelding en melancholie zich vermengen in personages die op speelse wijze de genderrollen overschrijden.

Het woordeloze verhaal dat bij ‘Ne Mobliez Mie’ verteld wordt lijkt wel een parabel. Je kan er veel verschillende dingen in lezen of op projecteren. Dat bleek uit de nabespreking met FC Bergman, maar ook binnen ons gezelschap van zeven theaterliefhebbers, waarmee we die avond in de fluwelen zetels van de magische Bourlaschouwburg in Antwerpen mochten zetelen.

Hetzelfde gevoel van leegte

Film en theater wisselden elkaar af. Op de scène stond een enorme draaiende houten kubus. De mensen die de kubus benaderden, leken te willen begrijpen wat het was, maar hij bleef geheimzinnig doordraaien. In elk stukje film nam het hoofdpersonage een andere gedaante aan, net zoals de markiezin gedaan heeft in haar portretten: een porseleinen beeld van de maagd Maria in een tentoonstelling, een ridder in wapenuitrusting, prinses Diana, een kwal in een aquarium, een watermonster onder een kinderbed, afval op de schroothoop, een eenzame oude man, …

Bij elke nieuwe gedaante bekroop me hetzelfde gevoel van leegte. Hoe meer alternatieve identiteiten de vrouw creëerde, hoe eenzamer ze leek. Zowel het podium als de film gaven een bevreemdend gevoel.

Diezelfde leegte, eenzaamheid en isolement heb ik al wel eens gevoeld in gesprekken met cliënten die het leven niet meer zien zitten. Het isolement van de vrouw op het toneel leek wel de tragische gevangenis van het bestaan, die soms ook door cliënten beschreven wordt. Het is een onbeantwoord verlangen om contact te leggen met anderen, bemoeilijkt door een onvermogen – bij de cliënt of diens naasten – om tot ontmoeting te komen. Het is een eenzaamheid die leidt tot een beklemmende vervreemding van de ander.

Elke gedaantewisseling uit de film leek dat gevoel weer mee te brengen. Het publiek was toeschouwer, voelde mee en zag de pogingen tot verbinding op niets uitdraaien. Het was getuige van de impasse  en het isolement dat ermee samengaat.

Wie ben je als je niemand tegenkomt?

Ne Mobliez Mie is oud Frans en stond geschreven op een muur aan de slaapvertrekken van de markiezin. De vertaling zou verschillende dingen kunnen betekenen, zoals ‘beweeg me niet’ of ‘vergeet me niet’. Dat zette me aan het denken: wie ben je , als je niet gezien wordt? Wat is dan je rol in het leven en in de maatschappij? Kan je van rol wisselen, zoals de markiezin deed? En word je dan wél gezien? Of blijf je eerder in de vertrouwdheid van je eigen bestaan, je eigen plek en val je terug op jezelf?  De markiezin verdwaalt in fantasie, zolang ze geen contact kan maken met de anderen. Wie ben je als je niemand ‘tegenkomt’, niemand echt ontmoet?

Ruimte voor een onbehaaglijk gevoel

Doorheen de voorstelling wordt de markiezin achtervolgd door een hond. Hij lijkt als enige de vrouw en haar pijn te zien. Hij is de enige getuige van wie ze is, ondanks dat ook het publiek vanuit de zaal toekijkt. Als kijker hoop je daarom dat de hond een verschil kan maken, maar ook tussen de vrouw en de hond lijkt een echte ontmoeting onmogelijk.

Het deed me denken aan de uitspraak: ‘niets is zo erg als enkel begrepen te worden door je therapeut’. Wat als alleen de therapeut meevoelt en meeleeft en niemand anders lijkt te merken dat er iets speelt? De eenzaamheid die cliënten soms vertolken in een sessie kan me inderdaad verlammen. Ik krijg dan het gevoel dat ik de cliënt iets anders moet laten ervaren.

Op het podium werd er echter uitgebreid bij stilgestaan. Niets anders moest gevoeld worden. Het had iets moois. Dit onbehaaglijk gevoel mocht er zijn.  Zonder woorden kreeg het vorm. De beelden toonden hoe je samen taal kan vinden voor de worstelingen van een mens. Zo doordrongen van emotie, dat je er ongemakkelijk van wordt.

En tegelijk was ik opgelucht. Ik merkte dat de eenzaamheid van de vrouw ook herkenbaar was voor het publiek. Het publiek liet zich raken en verbond zich met de ervaring van de markiezin. Die herkenbaarheid wil ik ook graag meenemen in mijn gesprekken als therapeut. Het biedt me ruimte om erover in gesprek te gaan, zonder dat het verlamt. Stilstaan bij eenzaamheid wordt weer draaglijk.

_____

Beeld: © Ruben Impens

 

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe uw reactie gegevens worden verwerkt.